Het Parool: ‘De heetste saus van de stad en fastfood op hoog niveau’

De heetste saus van de stad en fastfood op hoog niveau

Rokerig, vol van smaak en met een zoete twist aan het eind: De pineapple-chipotle-saus van de Salsa Shop ontsteekt een klein, overheerlijk vuurtje op je tong. Mexicaans eten in Nederland is vaak een teleurstellende muffe hap, maar daar gaat de Salsa Shop aan de Amstelstraat verandering in brengen.
Het is een fastfoodrestaurant op hoog niveau. Je bestelt je burrito of taco aan de toonbank en kunt zelf kiezen of er kip, vlees of groente in gaan en met welke toppings. Alles wordt voor je neus klaargemaakt onder het motto what you see is what we wrap. Alles is vers en het bewijs is te zien in de open keuken onder in de winkel. Waar de shop zich ook mee onderscheidt, zijn de zes sauzen.

Let op, want de pittigheidsgraad van de sauzen op het menu klopt hier echt. Laat je niet verrassen omdat je smaakpapillen in slaap gesust zijn in in andere restaurants waar ‘pittig’ varieert van comateus tot bijna wakker. De chipotle-saus, gemaakt van gerookte jalapeño, is net op het randje voor een getrainde tong; hij wordt gemaakt door Chris, die jaren werkte in een tacotruck in Parijs. De fiery yellow habanera-saus is onverbiddelijk en volgens de eigenaren de heetste saus van de stad.

De Salsa Shop is opgericht door vier jeugdvrienden die de zaak begonnen nadat ze in New York en Londen inspiratie hadden opgedaan. Daar zijn dit soort snelle, verse Mexicaanse restaurantjes al een trend.

Kokkin Sandra heeft al tien jaar ervaring in het managen en koken in vergelijkbare eettentjes in Londen. Ze is afkomstig uit Mexico en de geheime familierecepten die ze meenam uit haar thuisland, combineert ze met andere invloeden. Bijvoorbeeld de creamy cucumber yoghurt-saus, een soort tzatziki met een Mexicaanse nasmaak.
De mild mixed pepper-saus is een aanrader voor mensen die liever niet te pittig eten. En als het toch te veel wordt, kun je altijd nog blussen met de zelfgemaakte limonade: met limoen, komkommer-mint of hibiscussmaak.

Marianne Eggink.

View the review here.